All posts tagged scheiding

DAT IS PRECIES WAT IK NODIG HEB: GEHOORD WORDEN

Mijn buurvrouw is jarig. En ik ben blij met de afleiding van een feestje. De kinderen kijken binnen televisie terwijl ik naast de buurvrouw en met de vrienden van de buren buiten zit. De buurman grilt hamburgertjes en garnaaltjes op de barbecue en mijn wijnglas staat geen moment leeg. Lees meer…

Dirk is ook even langs geweest. Ik kreeg een geforceerde hand en drie zoenen op mijn wang van hem en zijn aanwezigheid voelde enorm ongemakkelijk. Na zijn vertrek word ik aan een kruisverhoor over de bezigheden van Dirk onderworpen. Sinds kort is Dirk bij een organisatie aangesloten die hem helpt om ondernemer te worden. Op een pusherige manier probeert hij nu iedereen uit zijn netwerk, inclusief de buren, producten en verzekeringen aan te smeren. Maar Dirk is geen verkoper. En bij alle aanwezigen wekt zijn opdringerigheid irritatie op. Wanneer de kinderen naar bed zijn, gaan de onderwerpen dieper. Scheidingen, liefdesverdriet, en levensvragen komen aan bod.

Tranen vloeien. Ik geef me bloot en deel mijn verdriet over het gevoel dat ik bij Dirk niet mocht zijn wie ik ben. Dat ik blijkbaar alleen maar een sterke en vrolijke kant van mezelf mocht laten zien. Dat ik Dirk altijd alle ruimte had gegeven voor studie en sport, maar dat we nu een huis hadden en jonge kinderen en drukke banen. Dat we geen yuppen meer waren, verantwoordelijkheden hadden. Dat ik Dirk nodig had als partner om me te helpen met het plannen en organiseren en het op orde houden van ons huishouden. Dat ik stress ondervond van het gevoel dat ik steeds achter de feiten aanliep en ik het gevoel had dat ik alles alleen moest doen. Dat ik me onzeker en moe voelde in mijn moederlijf…

De buren en hun huisvrienden luisteren, spreken me moed in en leven met me mee. En dat is precies wat ik nodig heb: het gevoel gehoord te worden. Nog meer wijn. Ik laat me ontglippen dat ik via Tinder een man heb ontmoet en dat ik dinsdag met hem heb afgesproken. Monden vallen open. “Kirsten! Dat hadden we niet achter je gezocht!” Iedereen is ineens vol aandacht.
“Hoe oud is hij?”
“Veertig”.
“Hoeveel kinderen heeft hij?”
“Eén.”
“Waar woont hij?”
“In de stad!”.
“Wat doet hij?”
“Hij maakt sierraden.”
“Waar gaan jullie heen?”
“Naar zijn huis.”
De monden gaan nog verder open. “Je gaat op een seksdate?”

Maar zo is het helemaal niet. Ik ben niet uit op seks. Er klikt iets met hem. En ja, we hebben ondertussen ook wel spannend met elkaar gechat. En ja, dat smaakte naar meer. Maar iets diep in me wilde gewoon weer in zijn aanwezigheid zijn.
“Dus je vind hem echt leuk? Maar dan blijf je niet slapen hoor!” besloten de huisvrienden voor me. Als je gelijk blijft slapen dan hoor je nooit meer iets van hem…!”

IK WIL TRANSFORMEREN TOT DE BESTE VERSIE VAN MEZELF

Dirk en ik zijn chaoten en verzamelaars. De zolder staat al drie jaar vol onuitgepakte verhuisdozen, maar ik heb geen idee meer wat er in zit. En ik wil opruimen. Lukraak open ik dozen en opbergbakken. Ik schrik van papiervisjes die wegschieten uit mappen en fotoalbums. Verborgen in een houten kistje, tussen een stapel liefdesbrieven van jeugdliefdes, vind ik een kaart met de groeten uit Spanje. Hij komt van Boris.

Lees meer…

Mijn herinneringen gaan terug naar de hockeyfeesten waar ik hem ooit, als zestienjarige, leerde kennen. En ik zat niet eens op hockey… Ik was nooit verliefd op hem, maar na al die jaren weet ik nog wel dat hij goed kon zoenen. We zijn Facebookvrienden en voor de grap stuur hem een fotootje van de kaart. Voor ik het weet, zijn we druk aan het kletsen op Messenger.

Ondertussen knipperen er Tinder-vlammetjes op mijn telefoon. Van Frank en Robert. Op de een of andere manier voelt Frank als serious business. Hij komt betrouwbaar over. Hij heeft heel bijzondere blauwe ogen en ik heb scherpe gesprekken met hem. Bovendien is hij sportief: hij is masseur van een voetbalelftal en ik zag hardloopschoenen op zijn profielfoto’s. Het idee van een massage spreekt me wel aan en die schoenen waren deze week de aanleiding om mijn sneakers weer eens uit de kast te trekken.

Robert lijkt me meer creatief dan sportief. Op zijn profielfoto draagt hij een kleurige zonnebril. Hij maakt en ontwerpt juwelen, draait plaatjes en is ook nog eens geïnteresseerd in spiritualiteit, iets waar ik de laatste tijd ook meer mee bezig ben. Zijn zoontje is ruim een jaar ouder dan Kees. Hij pakt zijn rol als vader serieus aan, merk ik in onze gesprekken. Hij doet me denken aan een artistieke jeugdvriend, die gedichten voor me schreef, met wie ik cocktails dronk en naar de rollerdisco ging, die me masseerde bij kaarslicht en die ’s nachts stiekem via de regenpijp mijn zolderkamer bezocht om me bloemen te brengen die hij uit de tuin van de buren had geplukt. Ik zie ons in gedachten al door de stad slenteren om gekke kroegjes te ontdekken, of tot in de kleine uurtjes in vage clubs dansen.

En dan is daar nog Bart, ook een Tinder-match. Hij woont slechts twee dorpen verderop, is 46 en is vader van twee pubers. Hij lijkt me een kroegtijger en een gezellige, no-nonsense vent. In de trein naar oom Theo schieten m’n gedachten heen en weer tussen verleden en toekomst. Herinneringen aan wie ik als zestienjarige wilde zijn en de wens om nu, door het verbreken van mijn huwelijk, te transformeren tot de beste versie van mezelf.

Ik voel me gespleten. De jongens staan centraal in mijn leven. Het liefst wil ik gewoon moeder zijn, en huiselijk. Maar nu ik Kees en Tom de helft van de week kwijt ben, voel ik ook de behoefte om oude, weggestopte kanten van mezelf op te poetsen en te laten stralen. En Boris, Frank, Bart en Robert spreken ieder een andere behoefte in me aan.

OOK TOM HEEFT EEN RIJMPJE, IK MOET HET HARDOP VOORLEZEN

“Boem pats pang, een kusje op je wang, een kusje op je andere wang, ik hou van jou mijn leven lang.” Heel zoet zegt Kees zijn rijmpje op, helemaal uit zijn hoofd. Daarna geeft hij me een pakje met zilverfolie eromheen, met daarop de tekst ‘breekbaar’. Zo voel ik me ook vandaag, denk ik, terwijl ik het pakje open. Er zit een hartje van brooddeeg in, versierd met kleine schelpjes. Ik ben ontroerd.

Lees meer…

Al twee weken hadden ze geheimzinnig gedaan, de jongens. Natuurlijk wist ik dat ze op school en op het kinderdagverblijf druk met Moederdag bezig waren. En toen ik ineens niet in hun kasten mocht kijken, wist ik best dat ze daar hun pakjes hadden verstopt. Maar waar ik normaal genoot van hun opzichtige geheimzinnigheid, zag ik er nu tegenop. Het zou de eerste Moederdag zonder Dirk zijn.

Tom heeft ook een knutsel: een papieren bloem geverfd in roze, geel en blauw. In het midden een activiteitenschijf, waarop ik kan kiezen voor een gezamenlijke bezigheid: knutselen, knuffelen, voorlezen, liedjes zingen, een kus, buitenspelen of stoeien. Ook hij heeft een rijmpje, ik moet het hardop voor hem voorlezen. ‘Lieve mama, ik weet dat jij veel doet en wat je doet is altijd goed. Mama ik ben heel erg blij, met zo’n supermama zoals jij.’

Een supermama? Zo voel ik me totaal niet. Van de week heb ik Kees een tik gegeven. En dat was niet de eerste keer. Net zoals het ook niet de eerste keer was dat ik tegen hem schreeuwde. M’n lontje is te kort. Veel te kort. Ik ben zo moe, dat ik veel te snel aangebrand ben. En Kees is koppig. Luistert slecht. Probeert zijn zin door te drijven en reageert op alles verongelijkt. Zijn gedrag doet me enorm aan Dirk denken en dat irriteert me en baart me zorgen tegelijk. Ik probeer hem zichzelf te laten zijn, maar vind het moeilijk om daarbij duidelijke grenzen te stellen. En als de grens voor mij dan écht bereikt is, ontplof ik. Ik durf het niet met Dirk te bespreken, bang als ik ben dat hij weer eens met verwijten komt. Maar het zit me enorm dwars.

Als ik op Tinder met Robert over het alleenstaande ouderschap chat, breng ik het voorval ter sprake. In tegenstelling tot de chats met Dominique, met wie ik pasgeleden een date had, zijn mijn gesprekjes met Robert meestal kort. Vaak stelt hij me dan vragen. Maar nu geeft hij advies: ‘Geef jezelf wat credits’, reageert hij heel lief en begripvol als ik mijn schuldgevoel over mijn ontploffing met hem deel. ‘Als ik afga op je bezorgdheid, doe je het juist super als moeder!’ Precies de woorden die ik nu nodig heb. Ik voel me gehoord en gezien en dat gevoel geeft ruimte. Ruimte voor ontlading.

“Boem pats pang, een kusje op je wang, een kusje op je andere wang, ik hou van jou mijn leven lang.” Ik slik een traan weg, knuffel mijn mannen stevig en spreek mezelf toe: ik mag iedere dag opnieuw beginnen!

LANG GELEDEN DAT IK MOOI ONDERGOED VOOR MEZELF KOCHT

Sinds ik me weer heb aangemeld op Tinder, vul ik doelloze momenten met het checken van mannenfoto’s. Maar minstens net zo vaak bekijk ik mijn eigen profiel met de zwart-witfoto die ik samen met Ellen heb uitgekozen. Zo zie ik mezelf het liefst: een kort donker rattenkopje, guitige halve-maanoogjes met pretlichtjes en een stralende lach met witte tanden. Lees meer…

De foto is eigenlijk van twee jaar geleden en ik weet niet of ik ooit weer zo onbezorgd en vol vertrouwen naar de wereld zal kunnen kijken. Of naar mezelf. Bovendien zit mijn haar inmiddels compleet anders: asymmetrisch kort en aan een kant opgeschoren. En ook zit er een litteken op mijn voorhoofd, vlak onder mijn haargrens. Een pukkeltje bleek bij controle een melanoom en in december had de dermatoloog het plekje weggesneden, waardoor ik er tijdens de feestdagen bont en blauw bij liep. Vandaag moet ik terug naar het ziekenhuis voor controle en wil ik wat andere plekjes op mijn lijf laten nakijken.

“Ik heb goed nieuws en slecht nieuws”, valt de dermatoloog met de deur in huis. “Het litteken is goed genezen en mooi weggewerkt. Dat heb ik knap gedaan, al zeg ik het zelf”, grapt hij. “Vindt u?” antwoord ik spottend. “U heeft mijn voorhoofd ontsierd, precies nu ik in scheiding lig en weer de markt op moet. Ik vraag me af wat het goede nieuws is”, zeg ik, wijzend op de plekjes op mijn dijbeen. “Tsja, dat is het slechte nieuws, dat zijn ouderdomswratten”, grijnst hij. “Maar maak je geen zorgen, die haal ik zo weg.” Waarop hij kordaat een mesje pakt en de lelijke plekjes begint weg te halen. Tien minuten later sta ik wratvrij, maar met een enorme deuk in mijn ego weer buiten. Ouderdomswratten? Gatver.

Om mezelf te troosten besluit ik de stad in te gaan. Ik heb dringend een nieuwe beha nodig. De laatste keer dat ik mooi ondergoed kocht voor mezelf kan ik me niet heugen. Ik snuffel door de rekken, maar de voortvarende winkeldame – een Surinaamse met een enorme boezem –  duwt me een pashokje in en zegt dat ze me eerst even zal opmeten. Ik durf haar niet tegen te spreken. En terwijl ze het meetlint om mijn borsten spant en mijn maat noemt valt mijn mond van verbazing open; dat zijn zeker twee cups kleiner dan ik had verwacht, en daar ben ik blij mee. Ik had natuurlijk best gemerkt dat ik was afgevallen door de stress, maar zo veel? Zonder er ook maar iets voor te hoeven doen – misschien het enige voordeel van een scheiding. Ik kies voor een glad setje en voor een setje met kant. “Eentje voor doordeweeks en eentje voor feestelijk”, knipoogt de verkoopster naar me. Ik lach met haar mee, maar bedenk dan triest dat niemand anders dan ikzelf die setjes voorlopig te zien zal krijgen.

Als ik thuiskom, kijk ik weer even op Tinder. Max van 49 ben ik helaas niet meer tegengekomen. Ik installeer me met een kop thee op de bank en open Tinder. O la la… ik heb een nieuwe match. Hij heet Dominique en is een Fransman!

IK MOET NATUURLIJK WEL EEN BEETJE VROLIJK OVERKOMEN

Gisteren heb ik Tinder van mijn telefoon gegooid. De bezorgde opmerking van Max van 49 met de krullen, in combinatie met die engerd uit het park die me onbeschaamd had aangekeken, hadden me aan het denken gezet. Niet veel later had ik de optie ‘verwijderen’ aangeklikt. Die Max was wel heel lief geweest met zijn waarschuwing. Maar ja, ik had hem weggeveegd, dus met hem kon ik sowieso niet meer chatten.

Lees meer…

“Maar hoe gaat dat dan, dat Tinder?” vraagt mijn vriendin Ellen. De fles chardonnay is bijna leeg, net als de pan kaasfondue die midden op tafel staat aan te koeken boven het vlammetje. Ellens tweejarige dochtertje ligt inmiddels in bed en Ellen wil nu alle details horen over mijn korte onlinedatingavontuur. “Wat voor mannen zitten erop?”

“Er zit van alles tussen”, zeg ik. “Dat is het ’m nou juist: je hebt geen enkel idee. De enige referenties zijn misschien mijn ‘vrienden’ op Facebook, want daaraan is de app gekoppeld. Je kunt dus wel zien of je wederzijdse Facebook-vrienden hebt.” “Dus in principe zijn ze te achterhalen?” merkt mijn vriendin nuchter op.

“Ja, als je het zo zegt!”

“Hm, misschien moet je gewoon wat selectiever zijn. En eerst zelf goed nadenken over je profiel en wat je nou precies zoekt in een man!” Ze heeft een punt. “Kom op, zet die app er gewoon nog eens op, dan checken we het samen!” Haar enthousiasme werkt aanstekelijk. Vooruit, wat heb ik te verliezen?

Samen nemen we mijn profiel onder de loep. We kiezen twee foto’s uit mijn Facebook-account waarop ik lachend te zien ben. Want ik moet natuurlijk wel een beetje vrolijk overkomen. Ook kiezen we er een van mij met de jongens op een duintop. Die heeft mijn zus laatst gemaakt toen zij en mijn zwager ons een dagje mee op pad hadden genomen. Als profieltekst komt er uiteindelijk te staan: wine & dine, van house tot Strauss, jongensmoeder, Noord-Holland, lezen, schrijven, yoga en basketbal.

“Je kunt het natuurlijk altijd nog aanpassen”, zegt Ellen, als ze me hoort sputteren dat dit toch niet de essentie is van wie ik werkelijk ben en hoe ik in het leven wil staan? Daarmee ben ik de laatste weken steeds meer bezig: wie ben ik nou eigenlijk? Wie mag en wil ik zijn? Want blijkbaar was dat voor Dirk niet genoeg en dat heeft mijn zelfvertrouwen een behoorlijke deuk gegeven.

“Wat vind je van deze leukerd?” lacht Ellen. Mijn gedachten waren even naar Dirk geschoten, maar dan lach ik vrolijk mee: we kijken naar een man met een enorme vis aan zijn hengel. “Dit zet je toch niet serieus neer als profielfoto?!” grinnik ik. En terwijl we samen in een deuk liggen om de hilarische afbeelding, schuif ik hem snel naar links, naar de volgende man, stiekem hopend op de donkere krullen en de mooie lach van Max van 49.

IK VOEL EEN BLOS NAAR MIJN WANGEN STIJGEN

‘‘Wat doe je?” vraagt oom Theo op zondagavond als ik voor de zoveelste keer op mijn telefoon kijk. “O, niks bijzonders, ik vul de Stemwijzer in”, jok ik. Maar in plaats van politieke stellingen neem ik mannen onder de loep. Op Tinder. Alle vrijgezellen in mijn omgeving – ik heb een zoekstraal ingesteld van vijf kilometer – zijn inmiddels voorbijgekomen en ik heb zowaar al tien matches.

Lees meer…

“Goedenavond, vrolijke dame”, staat er ineens in mijn schermpje. “Hi”, beantwoord ik Max van 49. Hij heeft krullen en een gulle lach. “Wat zoekt zo’n leuke, energieke vrouw hier op Tinder?” Energiek? En tja, wat zoek ik hier eigenlijk? “Geen idee,” antwoord ik naar eer en geweten, “ik ben nieuw hier!” Max informeert naar het hoe en waarom, en als hij leest dat ik nog niet officieel gescheiden ben, waarschuwt hij: “Ik zou wat meer tijd nemen voordat je je hierin stort. Ik spreek uit ervaring. Scheiden is heftig en maakt je kwetsbaar. Genoeg foute mannen proberen daarvan te profiteren.” Pfff… ik word veertig dit jaar. Voor vaderlijk advies ben ik hier niet. Ik wil gewoon weten of ik nog een beetje goed in de markt lig. Verder niets. “Bedankt voor je advies”, typ ik. Daarna schuif ik zijn foto naar links en check ik de volgende man. Die blijkt minder dan een kilometer bij me vandaan te wonen. Hij heeft kort donker haar en een intense blik. Iets in zijn blik doet me twijfelen, maar ik besluit om hem toch een hartje te geven. En ja hoor, het is weer een match.

Met Dirk heb ik duidelijk geen match meer. Vorige week waren we voor het eerst bij de scheidingsmakelaar. Ik kende makelaars als tussenpersoon bij de aan- en verkoop van huizen. Nog maar vijf jaar geleden tekenden we, dromend over de toekomst, het contract voor onze koopwoning. Nu zaten we in een benauwd, raamloos kantoorkamertje van elkaar weg te kijken, terwijl de bemiddelaar beloofde ons op persoonlijke en praktische wijze te begeleiden bij het kapotmaken van die droom en het verbreken van onze beloften. “Leg dat ding nou eens weg!” zucht oom Theo. Snel swipe ik nog wat mannen naar links en naar rechts en schenk ik thee voor ons in.

Op donderdagochtend help ik mijn vader bij het snoeien en uitdunnen van de woekerende bamboeplanten in onze tuin, als ik twee mannen het park uit zie lopen. Het pad uit het park loopt recht op ons huis af. Als de man met zijn donkere blik me net iets te lang aankijkt, krijg ik het warm en voel ik een blos naar mijn wangen stijgen. “Hallo”, hoor ik mijn vader groeten. Zelf kijk ik weg en doe ik alsof ik druk bezig ben, terwijl ik met mijn tuinschaar driftig in de taaie bamboestengels knip. Ik weet het zeker: dat is die match van Tinder. Minder dan een kilometer is wel heel dichtbij. Ik voel me bekeken. Wat als hij hier vaker langs komt lopen? Of zelfs aanbelt?

Ik verontschuldig me bij mijn vader en vlucht naar binnen. Zou Max van 49 met de krullen en de gulle lach dan toch gelijk hebben? Moet ik meer tijd nemen voordat ik me op Tinder stort?

HIJ MAG BLIJVEN, DUS IK SWIPE HEM NAAR RECHTS

Het is weer zover: de jaarlijkse heidag van het werk. Mijn collega’s en ik vergaderen in het bezoekerscentrum van een duingebied, om los te komen van onze vertrouwde omgeving. Het doel is om met een frisse blik naar de toekomst te kijken, maar tijdens het middagprogramma dwalen mijn gedachten af. Misschien is het de buitenlucht, misschien zijn het de zonnestralen die het voorjaar aankondigen, of de vogels die ik druk hoor kwetteren, maar ik voel de opwinding van een naderend avontuur.

Lees meer…

Na de lunch had ik met mijn manager en een stagiaire een wandeling gemaakt rond het duinmeertje. Terwijl we de frisse buitenlucht opsnoven, vertelde de stagiaire, die net twintig was geworden, honderduit over haar avonturen op de datingapp Tinder. Ze ontmoette nu regelmatig leuke jongens en giechelend liet ze ons haar matches zien: allemaal knappe twintigers die zo uit een modellenboek leken te komen.

Mijn manager, die al een poosje gescheiden was, legde me uit hoe het werkt: “Het is net een kroeg, maar zonder uithangbord. Het is gissen naar de dresscode, de muziek en de openingstijden. Dus je bekijkt iemands profiel en wie je leuk lijkt, veeg je naar rechts. Wie je niet ziet zitten, swipe je naar links.” Zelf zat ze inmiddels op Parship, een datingsite voor hogeropgeleiden, want ze vond Tinder net een vleeskeuring. “Doe jij nou nog maar even rustig aan,” zei ze. “Je bent nog niet eens officieel gescheiden. Dat daten komt vanzelf wel.”

Maar terwijl mijn collega’s allang weer verder brainstormen over de nieuwe klantstrategie en daarna het thema ‘samenwerken’ bespreken, staar ik dromerig naar de bosrand. Ik vraag me stiekem af hoe ik het zou doen op zo’n dating app… Dirk mag zijn liefde dan hebben opgezegd, als één op de drie stellen tegenwoordig uit elkaar gaat, zit daar vast een leuke man tussen die mijn liefde wel verdient. En misschien ontmoet ik hem wel via Tinder.

’s Avonds, bij ome Theo, ga ik na de afwas direct naar mijn slaapkamer. Ik plof op bed met mijn telefoon en zoek en installeer de app. Ik maak mijn profiel aan, kies een leuke foto van mezelf en ga kritisch klaarzitten voor de eerste man op mijn beeldscherm. Wow! Hij heet Max en is 49, heeft donkere krullen en een gulle lach. Hij blijkt vader van twee pubers, woont vlakbij en houdt van intieme restaurantjes. Een cultuurliefhebber en een levensgenieter. Wat mij betreft mag hij blijven, dus ik veeg hem naar rechts. Daarna komt Andy. Ook niet verkeerd. Hij is blond en 35, heeft pretoogjes en een dochtertje van vijf. Ook hij gaat naar rechts. Een paar mannen gaan naar links: niet mijn type, ze kijken chagrijnig, zijn te oud of wonen te ver weg.

Als ome Theo roept of ik thee kom drinken, klik ik Tinder weg. Tijdens het achtuurjournaal hoor ik een piep. Ik klik mijn telefoon open en zie een klein vlammetje branden in mijn beeldscherm. Ik heb een match!

MIDDEN IN DE NACHT VRAAG IK DE BUURMAN OM HULP

Daar sta ik dan in mijn slaapkamer, ongemakkelijk in mijn roze badjas. Het is midden in de nacht en de buurman, in een snel aangeschoten joggingpak, kijkt me ongemakkelijk aan.

Lees meer…

Ik had de piep natuurlijk best opgemerkt, maar deed net alsof ik niets hoorde. Het was midden in de nacht en ik lag in bed. Ik wist dat ik mezelf voor de gek hield, want vijf minuten later klonk de piep weer snerpend door het verder zo stille huis. Op blote voeten ging ik op onderzoek uit en botste in het donker bijna tegen Kees op, die me angstig toefluisterde: “Mama, ik hoor een harde piep!” We keken allebei omhoog naar de rookmelder in de gang. Het rode lampje knipperde duivels naar me. Shit, de batterijen vervangen deed Dirk altijd.

Ik probeerde mijn eigen onzekerheid te negeren, haalde de inmiddels wakkere Tommie ook uit zijn bedje en zette de jongens in hun pyjamaatjes voor de tv. Toen belde ik Dirk en gelukkig nam hij op. Dirk is een echte crisismanager. Bij ongelukjes of levensbedreigende situaties zou ik hem mijn leven toevertrouwen, nog steeds. En waar hij de afgelopen weken zo hard en koud tegen me had gedaan, vertelde hij nu op rustige, vriendelijke toon welke handelingen ik moest verrichten: schroevendraaier in het sleufje, melder tegen de klok in draaien, klepje open… “Goed gedaan, Kirs.” zei hij toen het was gelukt. “Ik ben trots op je. Ga nu maar lekker slapen.” Ik kroop in bed en slaakte een zucht van verlichting.

Maar net toen alles weer stil leek in huis, klonk er weer een piep. Nu recht boven mijn hoofd. Iets zelfverzekerder pakte ik de schroevendraaier weer, maar hoe ik ook wrikte, ik kreeg er geen beweging in. Na een half uur zwoegen, voelde mijn keel dik van de naderende tranen en er zat een misselijk makende knoop in mijn maag. Ik twijfelde tussen heel hard gaan huilen of de rookmelder hysterisch met de schroevendraaier te lijf gaan, maar iets in me bleef kalm en observerend. Ik haalde adem, herpakte me en koos voor de enige oplossing die me nog te binnen schoot. Hulp halen.

Mijn buren zijn de liefste buren die ik me kan bedenken. ‘s Zomers laten we geen gelegenheid onbenut om samen te barbecueën. We bezoeken elkaars verjaardagen en die van de kinderen. Ik kan voor alles bij ze aankloppen en de afgelopen weken heb ik regelmatig bij de buurvrouw zitten uithuilen. Maar dat ik ze nu midden in de nacht wakker moet maken, voelt wel heel genânt. Gelukkig is de buurvrouw begripvol als ik aanbel en met haar hoofd uit het slaapkamerraam belooft ze haar man te sturen.

De buurman krijgt de rookmelder makkelijk open. Binnen een paar tellen zit de nieuwe batterij erin en kan hij weer terug naar de buurvrouw. Ik prevel voor de zoveelste keer mijn excuses voor alle ongemak, maar hij reageert gevat en knipoogt: “Jij mag me altijd uit bed bellen.”

‘ER IS IETS NIET PLUIS MET DIRK’, ZEGT EEN KENNIS

Bij yoga leer je bewust en aanwezig te zijn. Het is me in de tien jaar yogales hiervoor nog nooit gelukt, maar sinds de breuk met Dirk lijkt het of ik alleen nog maar bewust ben. Bewust van wat niet meer aanwezig is. En daarvoor hoef ik niet eens naar yoga.

Lees meer…

De dagen rijgen zich traag aan elkaar. Ik beweeg me in een soort parallel universum ten opzichte van de mensen om me heen. Alles voelt anders. Dikker, slomer, stroperiger. Het leven gaat door, maar ik sta erbuiten, ik ben alleen toeschouwer. En toch lijk ik op wonderbaarlijke wijze nog te functioneren. Ik sta op tijd op, breng de jongens gewassen, gekleed en gevoed naar school en het kinderdagverblijf, ga naar mijn werk en geef een voorleesworkshop in de wijkbibliotheek. Ik doe boodschappen, ik draai wassen en strijk mijn kleding en die van de jongens. De kleren van Dirk was ik niet meer. Ik heb ze in een aparte wasmand gedaan en die puilt inmiddels uit.

Een paar dagen geleden heb ik Kees en Tom meegenomen naar ome Theo. Ze weten wel waar ik ben als Dirk bij ze is, maar ik vind het fijn als ze ook even kunnen zien waar ik slaap. Kees heeft een mooie tekening van een zon voor me gemaakt, zodat ik aan hem denk en een beetje blij ben op mijn logeeradres. Tommie is meer geïnteresseerd in het aquarium van ome Theo. Later kijken we met z’n vieren naar Brandweerman Sam en Jake and the neverland pirates op Netflix, want dat hebben we thuis niet.

Inmiddels heeft ook Dirk een onderkomen waar hij wat langer kan verblijven: een huisje in de stad. Een kennis van me gaat samenwonen en verhuurt het tijdelijk, dus heb ik gevraagd of Dirk het mocht huren. Het geeft me rust dat Dirk nu ook een plek heeft waar hij Kees en Tom mee naartoe kan nemen, want het lijkt me voor de jongens angstig als ze niet weten waar hun vader ’s nachts slaapt.

Ook heb ik een afspraak met de scheidingsmakelaar gemaakt voor een kennismakingsgesprek. We kunnen pas over een paar weken terecht, zo volgeboekt is hij. Al die stellen die maar uit elkaar gaan… Zouden zij ook in parallelle universums zitten? Dirk zit in elk geval in zíjn eigen wereld. Mijn kennis vertelde dat Dirk hem amper aangekeken had bij de sleuteloverdracht. “Er is iets niet helemaal pluis met hem,” had hij gezegd. “Het lijkt wel of hij iets te verbergen heeft.” Ook anderen laten me weten dat er ‘echt een steekje los zit bij Dirk’. Of ze vertellen plompverloren dat ze Dirk altijd al een vreemde snuiter hebben gevonden.

Wat moet ik met die informatie?, vraag ik me af. Ik heb altijd van Dirk gehouden, hij is de vader van mijn kinderen en met hun woorden en bespottingen is mijn pijn toch niet weg? Ik maak me juist steeds meer zorgen om Dirk, maar dat gevoel druk ik snel weg. Ik staar uit het raam. Het is mistig.

HOE HAALT HIJ HET IN ZIJN HOOFD?!

Scheiden met begrip. Het klinkt mooi, de slogan van de scheidingsmakelaar, maar ik begrijp er nog steeds niets van. Toch wordt het tijd om door te pakken. Ergens had ik gehoopt dat Dirk spijt zou krijgen en zou zeggen: “Het is een vergissing. Ik mis je, ik hou wél van je, wij kunnen dit overwinnen, we zijn het waard!” Maar mijn schoonzus, bij wie hij een paar dagen logeert, haalde me vanmorgen uit die droom.

Lees meer…

Ik was op kantoor toen mijn telefoon ging en liep ermee naar buiten. “Dirk heeft het moeilijk,” liet mijn schoonzus weten, “maar hij wijst alleen naar jou en neemt geen verantwoordelijkheid voor zijn eigen aandeel. Sorry, meissie. Ik geloof niet dat hij het nog een kans wil geven.” Een collega treft me aan terwijl ik mijn tranen probeer weg te slikken, maar zodra ze vraagt hoe het gaat, huil ik: “Hij gooit gewoon alles weg wat we hebben opgebouwd!”

Ze hoort me aan terwijl ik vertel wat een zwaktebod ik het vind dat een coach die anderen leert reflecteren niet in staat is tot zelfreflectie. Mijn manier van communiceren ‘trok hem leeg’, had hij tegen zijn zus gezegd. En bovendien zou ik te veel op mijn ouders leunen. Ik snuif, veeg mijn tranen weg en terwijl mijn collega weer naar binnen loopt, besluit ik een rondje door het park te lopen om af te koelen.

Inderdaad, ik kon soms best fel uit de hoek komen bij stress of onbegrip. Helemaal als Dirk zich compleet afsloot. En dat deed hij niet alleen bij mij. Vorige week nog had hij mijn vader gevraagd om even op de jongens te passen. Die vertelde later dat Dirk boe noch bah tegen hem had gezegd. Mijn vader had zijn gevoel en zijn bezorgdheid over de scheiding aan de kant geschoven om Dirk van dienst te zijn en nu durfde Dirk te beweren dat mijn familie te nadrukkelijk in mijn leven aanwezig was?!

Mijn ouders hadden ons altijd op alle vlakken ondersteund. Geld voor ons huis had Dirk met een haast arrogante vanzelfsprekendheid met beide handen van hen aangenomen. En toen we het huis moesten behangen, kon Dirk dankzij hulp van mijn vader al zijn energie richten op zijn studie. Later onderhield mijn vader tijdens het oppassen onze tuin. Mijn moeder werkte intussen het strijkgoed weg, maakte de badkamer schoon en kookte voor ons, zodat we na het werk alleen nog maar hoefden aan te  schuiven. Hoe haalde Dirk het in zijn hoofd om hen zwart te maken, na zo van ze geprofiteerd te hebben!

Hoe meer ik erover nadenk, hoe bozer ik me voel worden. Met stevige passen been ik het kantoorgebouw weer binnen. Met of zonder begrip, morgen ga ik een afspraak maken met de scheidingsmakelaar. Het wordt tijd om dingen af te sluiten en van daaruit naar de toekomst te gaan kijken. Ik adem een paar keer diep in en uit, recht mijn schouders en ga strijdlustig aan mijn bureau zitten.

Load More